Het kind in de man

Een man is en blijft een kind. Zelfs als hij de vijftig allang gepasseerd is. Op lichtjesfeest in Delft zag ik drie heren van middelbare leeftijd een fraaie demonstratie geven van dit niet te ontkennen feit. De huizen langs de grachten waren prachtig verlicht. Paars, groen, blauw, groen: het centrum kleurde als een regenboog. Een ansichtkaart waardig. Daartussendoor schoven mensen stapvoets langs de kraampjes met kerstkransjes, glühwein en mierzoete kerstgerechten. Voor de gemiddelde man niet bijster interessant eigenlijk.

De verveling sloeg aldus alras toe. Bij een paars verlicht huis sprong een heerschap van middelbare leeftijd met woeste gebaren in de lichtbundel van de lamp die het huis verlichtte. Hij trok een monsterlijk gezicht en gromde er diep bij. Waarlijk een duivels personage. Zijn zoontje moest er hartelijk om lachen. Maar zijn vrouw en dochter hadden minder op met zijn voorstelling. ‘Waarom doet papa zo raar,’ vroeg dochterlief tegen haar moeder. ‘Laat hem maar, schat,’ antwoordde de vrouw berustend. ‘Zo is hij nou eenmaal.’ Een gracht verder zette een andere man met een brede grijns een groene muts op. Daarna probeerde hij als een Indiaan de regendans ten tonele te voeren. Zijn zoon was zijn publiek.

Zijn vrouw en dochter waren snel doorgelopen. ‘Trek je maar niets van papa aan,’ hoorde ik zijn echtgenote tegen het meisje zeggen. ‘Maar waarom doet hij altijd zo stom?’ hield dochterlief vol. Het antwoord hoorde ik niet. ‘Omdat we nou eenmaal zo zijn,’ dacht ik. ‘Wij nemen het leven en onszelf niet zo serieus. En dat zouden jullie ook eens moeten leren.’ Maar veel vrouwen hebben daar de grootste moeite mee.

Ik merkte het toen ik als jarenlang op olijke wijze allerlei leuke grapjes tegen de zoon van mijn vrouw delibereerde. Een lach ontlokte het nooit. Wel diep gezucht en wanhopige blikken. Eenmaal was ik zo vrij een van mijn sublieme grappen uit te spreken in aanwezigheid van een vriendin van hem. Toen ze hoofdschuddend de woonkamer uitliepen, hoorde ik haar mompelen: ‘Het geeft niet hoor. Mijn vader probeert ook altijd leuk te zijn. Niets van aantrekken. Het gaat wel over.’ Wat een illusie is dat toch. Mannen blijven altijd de jongen met de korte broek. Daar verandert geen vrouw iets aan. Gelukkig maar. Anders zou er heel wat humor uit het leven verdwijnen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *