Brief aan de formateur van het Delftse stadsbestuur

De Delftse formateur  Huri Sahin heeft de inwoners van  Delft opgeroepen een brief te sturen. Ik heb daar gebruik van gemaakt. Met een verwijzing naar Alexis de Tocqueville. Hij stelt dat de gelijkheid van mensen in een democratie de status van de meerderheid versterkt. Iedereen legt immers hetzelfde gewicht in de schaal. Dit kan echter, als je niet oppast, leiden tot gebrek aan respect voor minderheden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Geachte mevrouw Sahin,

Bij de formatie van een nieuw stadsbestuur van STIP (studentenpartij), GroenLinks Delft, ChristenUnie Delft, D66 Delft en PvdA Delft is het belangrijk dat de belangen van alle inwoners zoveel mogelijk tot hun recht komen, u beseft dat vanuit uw maatschappelijke werkzaamheden als geen ander. Toch maak ik me bij de vorming van een nieuwe college in Delft wat zorgen. Ik ben zo vrij die met u te delen.

Uiteraard kent u uit allerlei onderzoeken de sociaaleconomische kenmerken van de achterban van D66, GroenLinks en STIP. Van de eerste twee partijen zijn de kiezers hoog opgeleid, met over het algemeen goed betaalde banen. Daardoor hebben deze kiezers wat makkelijker de mogelijkheid om een woning te kopen en gebruik te maken van allerlei subsidies op het gebied van duurzaamheid. Om het anders te zeggen: zij hebben het geld om zonnepanelen en elektrische auto’s te kopen en daardoor gebruik te maken van de BTW-kortingen en teruggaveregelingen. Ook ik behoor tot die sociaaleconomische groep. Ik heb mogen studeren, een fijne baan met veel vrijheid, goed inkomen, eigen woonhuis – ik heb geluk, zeg ik altijd maar. De zonnepanelen liggen dan ook, mede gefinancierd door de overheid, op het dak van mijn koophuis. Maar ik besef terdege dat een gemiddelde Verzorgende IG, Doktersassistent of logistiek medewerker deze mogelijkheid over het algemeen niet heeft. De mbo’ers dus. Niet de academisch geschoolde achterban van GroenLinks en D66. En wat betreft STIP: hun kiezers zijn studenten. De toekomstig goed-verdienende inwoners van de stad, de toekomstig stemmers van GroenLinks en D66.

Vanuit deze gedachte maak ik me erg zorgen over het beleid dat het nieuwe college zal voeren. U weet dat 57% van Delft een mbo-opleiding heeft? Met salarissen die het niet mogelijk maken een elektrische auto te kopen? Of zonnepanelen aan te leggen? Ik hoor verhalen over goedkope leningen. Maar hoe kun je met het salaris van een Verzorgende IG nog een lening afsluiten? Er wordt gesproken over een enorme subsidie voor het filmhuis – waar ik ook kom. Maar wat gebeurt er met de wijkcentra en schaarse jongerencentra in wijken waar niet de kiezers van de beoogde coalitiepartijen wonen?

Verder wijs ik op de wijze waarop de huidige partijen de problematiek op het gebied van huisvesting lijken te willen oplossen. Delft bouwt te klein en te duur, weinig voor mbo’ers en mensen met minder inkomen, voor gezinnen – ik heb daar in het kader van een onderzoekssubsidie van het Mediafonds Delft twee artikelen in het AD over geschreven. Ja, ik besef dat een stad voldoende inkomsten moet hebben, maar nogmaals, 57% van de inwoners heeft een mbo-achtergrond. Bovendien kent u vast de onderzoeken waarin gewaarschuwd wordt voor de gevolgen van een stad met te weinig gezinnen en kinderen en te weinig mensen in de middenklasse. Scholen en voorzieningen verdwijnen, het aantal vrijwilligerswerkers kalft af. Verder pleit STIP voor de mogelijkheid van verkamering weer terug te laten komen. Ga in dit verband eens naar Hof van Delft (Arnoldstraat, Van de Bruggenstraat), Wippolder en praat eens met mensen die ’s morgens vroeg op moeten om voor een modaal inkomen te werken. Evenwicht tussen studenten en werkenden is belangrijk.

Verder begrijp ik de plannen om de auto via prijsbeleid zoveel mogelijk uit de stad weren. Maar begrijpt u, dat als je geen eigen huis hebt zonder oprijlaan of eigen parkeerplaats en niet al te hoog inkomen, je dan enorm op kosten gejaagd wordt? Kosten die de achterban van de coalitiepartijen over het algemeen wel op kan brengen, maar die voor een mbo-geschoolde onderwijsassistent nauwelijks te betalen zijn.

Ik begrijp uit diverse informele bronnen (ik ken behoorlijk wat mensen rondom de politiek) dat u en de beoogde coalitiepartijen niet of nauwelijks praten met de partijen die de 57% vertegenwoordigen, de mensen met minder geld, met een minder theoretische opleiding. Dat vind ik een zorgwekkend signaal. Democratie is niet alleen de macht de meerderheid. In dit verband wijs ik u graag op de boeken van Alexis de Tocqueville. Hij stelt dat de gelijkheid van mensen in een democratie de status van de meerderheid versterkt. Iedereen legt immers hetzelfde gewicht in de schaal. Dit kan echter, als je niet oppast, leiden tot gebrek aan respect voor minderheden.

Ik hoop dat u en de partijen ervoor waken dat ze niet alleen de belangen van de (toekomstig) hoogopgeleide en goed verdienende progressieve inwoners behartigen, maar ook oog hebben voor de anderen, de mensen die niet tot hun achterban horen en wellicht soms heel anders denken.

Met vriendelijke groet

Marcel de Jong

 

 

Share on FacebookShare on LinkedInTweet about this on TwitterEmail this to someone

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *